Sterftekans is irrelevant voor kwalificatie periodieke gift

De aftrek van periodieke giften in de inkomstenbelasting is ruimer dan de aftrek van overige giften. Overigens is voorgesteld om per 1 januari 2023 een maximum te stellen aan de aftrekbare periodieke giften van € 250.000 per huishouden. De Belastingdienst hanteert als beleid dat pas sprake is van een periodieke gift als het sterfterisico van de schenker gedurende de schenkingsperiode van vijf jaar minstens 1% is. Bij schenkingen door echtelieden gaat het om het gezamenlijke sterfterisico. Maar de Hoge Raad meent dat de wetgever de eis dat een uitkering op zijn minst jaarlijks gedurende vijf jaar moet worden voldaan, heeft opgenomen om geschillen over het risico-element te voorkomen. Daarom moet ervan worden uitgegaan dat wanneer aan de voorwaarde van het aantal jaren is voldaan, daarmee een wezenlijk risico-element aanwezig is. Dit betekent dat een sterftekans van minder dan 1% de aftrek als periodieke gift niet in de weg staat. Evenmin staat daaraan in de weg dat de periodieke gift afhankelijk is van meer levens.

Gewone giften zijn pas aftrekbaar voor zover zij meer bedragen dan € 60 en dan 1% van het verzamelinkomen vóór toepassing van de persoonsgebonden aftrek. Bovendien zijn zij in beginsel niet verder aftrekbaar dan tot maximaal 10% van het verzamelinkomen vóór toepassing van de persoonsgebonden aftrek.

Deel dit artikel

Facebook
Twitter
LinkedIn
Pinterest
WhatsApp
E-mail

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Fiscaal

Overig nieuws

Scroll naar top
Bylan

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief

Bylan

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief